Coachbegrippen

Aandacht

Tegenwoordigheid van geest. Volledig bewustzijn en overgave aan het moment, er is niets anders dan alleen dit moment in het hier en nu. We denken niet aan het verleden of aan de toekomst.

Aanname

Een aanname is een vooronderstelling of een veronderstelling. Je denkt iets maar weet het niet zeker. Het komt nogal eens voor dat we ons laten misleiden door onze aannames. We gaan er dan van uit dat we begrijpen wat anderen bedoelen of dat anderen hetzelfde bedoelen als jij. Om zeker te weten dat je aannames kloppen kun je ze eerst […]

Aanpassingsvermogen

Een competentie van makkelijk kunnen schakelen bij veranderingen in de omgeving, zoals een verhuizing, veranderende werkwijzen, taken of verantwoordelijkheden. Aanpassingsvermogen is accepteren dat niets blijft zoals het was. En meebewegen met nieuwe ontwikkelingen, het draait dan vooral om het leervermogen. Aanpassingsvermogen betekent niet grenzeloos meebewegen en overal ja op zeggen, maar ook assertief voor eigen waarden en persoonlijke belangen opkomen.

ACT

ACT spreek je uit als ekt en staat voor Acceptance and Commitment Therapy, het is ontwikkeld door Steven Hayes. De methode richt zich op de manier waarop mensen met hun gedachten omgaan en de woorden die ze daarbij gebruiken. Het doel is te stoppen met vechten of alles te doen om pijn of vervelende gedachten te vermijden, maar juist te […]

Affirmatie

Het bewust versterken van een positief geformuleerde zin door het regelmatig voor je zelf, als een mantra, te herhalen.

Afhankelijkheid

steun of hulp zoeken en zichzelf ondergeschikt en niet zelfstandig beschouwen; zich genoodzaakt voelen meer op anderen te vertrouwen. Bij wederzijdse afhankelijkheid zijn beide of meerdere partijen nodig zijn voor optimaal functioneren.

Afweermechanisme

Onbewuste ontkenning van de realiteit of de waarheid om (emotionele) pijn te vermijden. Vormen van afweermechanisme zijn o.a. ontkenning, projectie, rationaliseren (goed praten) onderdrukken en verdringing van gedachten (het totaal vergeten van een zeer heftige gebeurtenis). Freud ging ervan uit dat het bewuste ik zichzelf zo beschermde.

Agile

In staat snel en makkelijk te bewegen; aanpassingsvermogen bij veranderingen. Organisaties willen steeds vaker agile werken. Agile betekent letterlijk: behendig, lenig, vlug.

Agressie

bewust of onbewust grensoverschrijdend gedrag waarmee iets of iemand schade wordt berokkenend om iets te bereiken.

AI

AI staat voor artificial intelligence, in het Nederlands kunstmatige intelligentie. Het is een overkoepelende term voor alles dat te maken heeft met computertechnologie en met name robotisering. Robots geprogrammeerd om zelf te leren op basis van steeds meer algoritmes. De ontwikkeling van toepassingen gaat snel. Zo worden sollicitant volg systemen (ATS – Applicant Tracking Systemen) al volop gebruikt bij sollicitatieprocedures. De ATS verwerkt […]

Alert

waakzaam, snel reagerend.

Allergie

een sterk negatief gevoel bij het gedrag van een ander. Volgens de theorie van de kernkwadranten drijft de allergie iemand in zijn valkuil, maar je kunt er ook van leren.

Ambitie

Gedrag tonen dat gericht is op ontwikkeling en succes; een collectieve ambitie is de gezamenlijk inzet van een team of organisatie om een doel te bereiken.

Andragogie

Volwassenen educatie. Het begeleiden van veranderingen bij volwassenen door opvoeding en opleiding al dan niet in werksituaties. Andragogie is afgeleid van pedagogiek. Een andragoog is een hulpverlener; iemand die bijstand verleent bij het eigen maken van sociale vaardigheden en mondigheid.

Aphantasia

Gebrek aan fantasie en verbeeldingskracht. In groepen of trainingen worden regelmatig visualiseringsoefeningen gedaan. Toch is niet iedereen in staat zich in gedachten een voorstelling van iets of iemand te maken.

Arbeidsbelasting

Komt voor in verschillende vormen, de fysieke en de psychosociale arbeidsbelasting; de laatste vaak afgekort als PSA, hieronder vallen alle vormen van werkstress.

Arbeidsdsmarkt

Een abstracte markt waar werkgevers en werkzoekenden elkaar treffen. Werkgevers zoeken door middel van werving en vacatures personeel. Werkgevers schakelen voor het zoeken naar personeel vaak de hulp in van intermediairs als uitzend- en werving & selectiebureaus. De mensen die dat werk uitvoeren zijn recruiters of headhunters. Krappe arbeidsmarkt Op een krappe arbeidsmarkt is er veel aanbod van werk en een […]

Arbeidsmarktcommunicatie

Arbeidsmarktcommunicatie is gerichte en structurele in- en externe communicatie om de positie van de werkgever positief te beïnvloeden. Het doel van arbeidsmarktcommunicatie loopt uiteen van directe werving en branding. Zoals het aantrekkelijk maken van het bedrijf voor nieuwe medewerkers en arbeidsbemiddelaars. Gerichte interne arbeidsmarktcommunicatie is ook goed voor de relatie met en het binnen houden van de eigen werknemers.

Archetypen

Oerbeelden, menselijke karakters of symbolen de ieder mens onbewust ervaart. Volgens Carl Gustav Jung (psychoanalist, 1875-1961) duidt dat op het collectieve onbewuste. Archetypen worden gebruikt in sprookjes en volksverhalen.

Assertiviteit

Doelgericht opkomen voor jezelf, de eigen mening respecteren en dit zelfbewust én tactvol -zonder de ander te kwetsen- duidelijk maken. Assertief gedrag is een bewuste keus. Hier lees je meer over  assertief zijn.

Assessment

Een testprogramma gericht op het in kaart brengen van competenties en de persoonlijke eigenschappen van een sollicitant. De kandidaat krijgt vervolgens uiteenlopende opdrachten te verwerken, die hij zelfstandig moet uitvoeren of met een acteur. De man of vrouw die het assessment afneemt en begeleidt wordt een assessor genoemd. De werkgever stemt de toetscriteria voor het testprogramma af met een extern […]

Associëren

Verbeeldings- en geheugentechniek; het verbinden van begrippen, woorden of objecten die niets met elkaar te maken hebben.

Attitude

Een houding (gedrag en houding en manier van denken op basis van kennis en ervaring) ten opzichte van iets of iemand.

Authentiek

Echt; oorspronkelijk. Authenticiteit is in overeenstemming met de eigen waarden, overtuigingen, vaardigheden en kwaliteiten. Oprecht en in contact met zichzelf. Het is tegenovergestelde van je aanpasgedrag.  

Autonomie

Autonomie is zelfbeschikking, keuzevrijheid met respect en in verbinding met zichzelf, anderen en de omgeving. Onafhankelijk en in staat tot spontaniteit, intimiteit en creativiteit. Gecontroleerd in stressvolle situaties. Maakt bewuste eigen keuzes los van ‘vanzelfsprekende’ normen en waarden. Autonomie is samen te vatten als vrijheid in verbondenheid.

Autoriteit

Iemand met gezag vanwege kennis of op basis van positie.